You are here:

World Radio Day: 100 jaar radio

Ieder jaar is 13 februari de internationale dag om het belang van de radio te vieren. Hoe het medium ons informeert, verandert en samenbrengt. Dat is de missie van UNESCO met de World Radio Day. In Nederland is 2019 hét jaar van de radio.

Nog maar 11 dagen, dan is het precies 100 jaar geleden dat op de Jaarbeurs in Utrecht de eerste draadloze radioverbinding gedemonstreerd werd. Tussen een studio op het Lucas Bolwerk naar het Vredenburg, zo’n 1200 meter verder. Gedurende de twee weken durende beurs was ook Koningin Wilhelmina op 6 maart 1919 getuige van dit technische wonder.

De sensatie van draadloos geluid, moet gevoeld hebben als de Internet of things van nu. Onduidelijk was nog wat je er allemaal mee kon. Vooralsnog werd het draadloze telefonie genoemd, tot dat moment was het vooral in gebruik in de scheepvaart om via morse te communiceren. Het duurde nog tot 6 november tot ingenieur Idzerda een zender begon die ook muziek draaide en wekelijks begon uit te zenden. Het startpunt voor de radio die wij vandaag nog kennen en wereldwijd van het fenomeen radio omroep.

Hallo Hier Hilversum, Luisteropstelling. Foto van Paul Ridderhof

100 jaar radio: wat vieren we?

Wat vieren we met honderd jaar radio? Ongetwijfeld is er aandacht voor de technologische ontwikkeling van een medium dat zich rond 1930 tot een massamedium ontwikkelde. Voor het algemeen publiek staat het plezier voorop dat radioprogramma’s ons al honderd jaar bieden. De waarde van radio, de maatschappelijke betekenis van het medium, dat vertaalt zich op deze UNESCO dag in de radio als basis voor dialoog, tolerantie en vrede.

De grote eeuwviering zal vooral vanaf het najaar hoor- en zichtbaar zijn. De dag van de radio valt op 6 november, de start van Idzerda’s PCGG zender.  Diverse podcasts en radioprogramma’s blikken nu al terug op het plezier dat programma’s het publiek boden. Zo maken Vincent Bijlo en Ger Jochems wekelijks Hallo Hier Hilversum waarin ze laten horen waar het publiek de afgelopen eeuw naar luisterde. Bert Kranenbarg vraagt in Bert op 5 aan luisteraars om herinneringen aan de radio, om die vervolgens uit het archief op te diepen.

De activiteiten bouwen zich dus in de loop van het jaar op, naar die 6e november. Zo zijn er sessies tijdens de Dutch Media Week begin oktober, een hele dag radio op 6 november en verschijnt er een boek over de culturele betekenis van honderd jaar radio onder redactie van Huub Wijfjes (Mediahistoricus en verbonden aan de Universiteit van Amsterdam en de Rijksuniversiteit Groningen).

Dat Idzerda de eerste ter wereld was die een omroep begon, dat is ongetwijfeld een onderwerp tijdens een internationale conferentie over radio op 7 en 8 november in Beeld en Geluid.Tijdens de conferentie staat een aantal thema’s op het programma:  de ontwikkeling van nieuws op de radio, de programmering van muziek, sportverslaggeving, de internationale radio zoals de Wereldomroep en de toekomst van onderzoek naar radio. Twee keynote sprekers staan al vast, Michele Hilmes  (University of Wisconsin, Madison) en Kate Lacy (Sussex University). Het is voor mediawetenschappers de moeite waard om naar de Mediastad in te komen op een plek waar al bijna honderd jaar radio gemaakt wordt.