You are here:

Preservering

Preservering, van zowel analoog als digitaal materiaal, omvat alle handelingen die nodig zijn voor het verschaffen van blijvende toegang tot audiovisuele materialen. Het gaat hierbij om een efficiënte en veilige omgeving voor langetermijnbewaring met een garantie op maximale integriteit en authenticiteit. In het digitale domein omvat preservering ook het voortbestaan van de bewarende organisatie zelf, waarmee ook het maken van businessmodellen, het regelen van juridische aspecten, het documenteren en verwerken van de materialen onder ‘behoud’ vallen.

      Foto: Sebastiaan ter Burg, CC-BY-2.0

Conservering

Conservering verwijst meer specifiek naar het implementeren van onderhouds-, beheer- en opslagprocedures. Materiaal vergaat, ook als het op een perfect uitgebalanceerde manier wordt opgeslagen voor de lange termijn. Veel onderdelen van audiovisuele collecties zijn in de loop der jaren in meer of mindere mate in verval geraakt. Bij materiaal dat langzaam degenereert, treedt dan uiteindelijk onherstelbare schade op. Het is dan niet meer te restaureren. Conservering van de collectie vertraagt en voorkomt dit proces. Welke collecties, (deel)verzamelingen of individuele producties met voorrang moeten worden geconserveerd, wordt bepaald door een afweging van de cultuurhistorische waarde, de hergebruikswaarde en de technische staat van de analoge drager.

Door passieve conservering worden collecties zodanig beschermd dat het risico van beschadiging door mechanische en of klimatologische invloeden tot een minimum wordt beperkt. Dit geldt voor het verblijf van audiovisuele documenten in depots, tijdens digitaliserings- en andere bewerkingsprocessen, bij het tentoonstellen van materialen en tijdens het transport van materialen. Solide bergingsystemen en transportmiddelen zijn bij de bescherming van groot belang. Door nieuwe (digitale) vormen van presentatie kan het uitgangsmateriaal beschermd blijven.

Actieve conservering is erop gericht een collectie weer volledig beschikbaar te maken voor gebruik en hergebruik. Dit kan worden bereikt door renovatie, restauratie en/of digitalisering van de materialen. Alle factoren die de 'beleving' van het materiaal verstoren (zoals vuil, verkleuring, schade aan het beeld en/of het geluid) worden zoveel mogelijk weggenomen of teruggedrongen. Ondeskundige restauraties uit het verleden worden gecorrigeerd. Ook digitalisering van analoge materialen is een mogelijkheid om de audiovisuele documenten zodanig te consolideren dat een goede conditie in de toekomst zoveel mogelijk gewaarborgd wordt. Deze actieve ingrepen zijn in principe onderworpen zijn aan de eis van reversibiliteit, volledige documentatie en de vigerende conserveringstechnieken.

Het bronformaat (waarin het materiaal wordt vastgelegd) is bepalend voor de rest van de preserveringsketen. Een ‘duurzaam’ formaat is dan ook een formaat dat zo archiefwaardig mogelijk is en daarmee duurzamer dan het gebruiksdoel. Het is raadzaam een bronbestand van hoge kwaliteit te creëren en/of op te slaan voor het archief. Daarmee kan, indien gewenst, vervolgens een bestand van lagere resolutie beschikbaar worden gesteld als gebruikskopie. Van een hoge kwaliteit bronmateriaal is het eenvoudig converteren naar een formaat dat in een specifiek gebruiksdoel kan voorzien. Een vanuit de bron gecomprimeerd lage resolutie bestand daarentegen converteren naar een hoge resolutie (ongecomprimeerd) bestand heeft weinig nut omdat de artefacten van het gecomprimeerde bronbestand blijven bestaan.  

Digitale preservering

Audiovisuele collecties bestaan meer en meer uit digitale formaten. Dit betreft gedigitaliseerd materiaal, born digital materiaal en digitale multimediale vormen zoals internetvideo, videokunst, interactieve producties, games en virtual reality. Digitale dragers hebben hun eigen eisen waar het gaat om conservering en duurzaamheid. Beeld en Geluid verzekert de kwaliteit van zijn digitale archief door aan te sluiten bij internationale standaarden zoals het Open Archival Information System (OAIS). Met het behalen van het genormeerde certificaat Trusted Digital Repository (TDR), toont het archief haar stabiliteit en betrouwbaarheid aan partners en belanghebbenden. Een belangrijk onderdeel van een TDR is het volgen van technologische ontwikkelingen en trends en te anticiperen op de impact van die ontwikkelingen op de instroom-, bewaar- en uitleverprocessen, en gewenste preserveringsformaten. Het ontstaan van nieuwe formaten, zoals transmediale, crossmediale en interactieve producties, vraagt om oplossingen voor opslag en manieren om deze formaten toegankelijk te houden.

In het project 'De Digitale Stad Herleeft' zijn een aantal aanbevelingen gedaan om digital born erfgoed te behouden. Lees het manifest 'FREEZE! Een manifest voor het beschermen en behouden van born-digital erfgoed' en andere publicaties uit het project.

Foto: Sebastiaan ter Burg, CC-BY-2.0

Het managen van digitale content

In het dynamische, digitale domein moet specifieke kennis worden opgebouwd om de files, de bijbehorende metadata en hun levenscyclus adequaat te kunnen volgen en controleren vanaf het moment van productie, via publicatie naar archivering en hernieuwde publicatie: de content moet gemanaged worden.

In een geïntegreerde digitale archief en productieomgeving is het audiovisuele archief niet meer het vanzelfsprekend eindpunt van een proces. Er zijn geen discrete archiefproducten meer in de vorm van afgemonteerde films of video's of audio's, die een zorgvuldig geselecteerde neerslag vormen van het erfgoed van de organisatie en tegelijkertijd dienen als bron van goed gedocumenteerd hergebruik. Digitale files zijn manipuleerbaar, modulair van structuur en variabel: er zijn eindeloze versies mogelijk, die alle blijven bestaan. Er is een toenemende divergentie: dezelfde content kan op verschillende platforms gepubliceerd worden.

Deze situatie maakt het lastig van de authenticiteit en integriteit van materialen te waarborgen en ze -als erfgoed- veilig te stellen voor de lange termijn. Er moet specifieke kennis worden opgebouwd om de files, de bijbehorende metadata en hun levenscyclus adequaat te kunnen volgen en controleren vanaf het moment van productie, via publicatie naar archivering en hernieuwde publicatie : de assets moeten gemanaged worden. Belangrijkste issues hier zijn: toegangscontrole, versiebeheer en digital rights management.

Duurzame toegankelijkheid

Een digitaal formaat moet voor langere tijd beeld- en geluidsinformatie kunnen bevatten. Of deze informatie blijvend kan worden gereproduceerd hangt af niet alleen af van de duurzaamheid van het formaat, maar vooral van de beschikbare technologie. Toekomstige hard- en software moet de informatie kunnen uitlezen. Deze technologie veroudert veel sneller dan de digitale formaten. Encodeermachines, filemanagement-systemen, besturingssystemen en netwerken zijn allemaal onderhevig aan veroudering. In die zin doet de levensduur van de formats er minder toe.

Archieven hebben de opdracht te bewaren en beschikbaar te stellen wat ze hebben geselecteerd en wat ze nog gaan selecteren. Blijvende beschikbaarheid impliceert terugkerende verificatie- en migratiecycli. Door te kiezen voor stabiele formats en duurzame technologie kan men de frequentie van de migratieslagen beperken. Een alternatief voor migratie is emulatie. Een emulator is een technisch platform waarop documenten in hun oorspronkelijke formaat kunnen worden gelezen.Duurzaamheid komt in feite neer op het ‘courant’ houden van technologie. Dit geldt zowel voor vormen van opslag als voor de verschillende formats. Er bestaat nog geen oplossing die digitale duurzaamheid (of duurzame toegankelijkheid zoals het tegenwoordig vaak wordt genoemd) garandeert. Wereldwijd wordt daaraan gewerkt in projecten, onderzoeksprogramma’s en organisaties.

Bronnen

In Digitale Preservering; beleid, standaarden en procedures van Beeld en Geluid (2016) staan de uitgangspunten en keuzen die de basis vormen van de uitvoering van duurzame digitale preservering door Beeld en Geluid. Digitale objecten en hun levenscyclus worden gedefinieerd, de preserveringsworkflow wordt beschreven en de gebruikte duurzame formaten worden onderbouwd: http://publications.beeldengeluid.nl/pub/387/

 

In OAIS Compliant Preservation Workflows in an AV Archive: a requirements project (2013) beschrijft Beeld en Geluid hoe de organisatie een betrouwbare digitale repository (TDR) is geworden voor Nederlandse audiovisuele culturele erfgoedcollecties. Het resultaat van het TDR-project is een informatiemodel voor het digitaal archiveren van geluid en beeld, dat een normatief antwoord formuleert op de vraag hoe je op rationele en verantwoorde wijze toenemende hoeveelheden digitaal materiaal beheert en bewaart: http://publications.beeldengeluid.nl/pub/78